Exportmedewerker vergelijkt een handelsfactuur met een paklijst in een licht kantoor

Table of Contents

Certificaat van oorsprong, EUR.1 of REX: welk oorsprongsbewijs heeft jouw zending nodig?

Belangrijkste punten

  • Een certificaat van oorsprong bewijst waar goederen vandaan komen, maar levert je afnemer geen cent tariefvoordeel op.
  • Een EUR.1 en een oorsprongsverklaring bewijzen preferentiele oorsprong onder een handelsakkoord, en die verlagen het invoerrecht wel.
  • Tot een zendingswaarde van 6.000 euro mag elke exporteur zelf een factuurverklaring afgeven. Daarboven heb je een vergunning toegelaten exporteur of een REX-nummer nodig.
  • REX verdringt de EUR.1 in de nieuwere akkoorden, waaronder die met Canada, Japan, Vietnam en het Verenigd Koninkrijk.
  • Oorsprong volgt uit de oorsprongsregel bij de goederencode, niet uit het land waar je leverancier toevallig gevestigd is.

Twee zendingen leren tassen, allebei uit Vietnam, allebei onder dezelfde goederencode aangegeven. De ene komt binnen tegen nul procent, de andere tegen negen. Het verschil zit niet in de tassen en niet in de fabriek. Het zit in een verklaring van twee regels op de factuur, die bij de tweede zending ontbrak.

Zulke bedragen tikken hard aan. Op een zending van 40.000 euro is dat 3.600 euro extra, betaald bij binnenkomst, terug te vragen via een tijdrovende procedure die vaak strandt omdat het bewijs achteraf niet meer te krijgen is. En het gaat mis in beide richtingen: exporteurs geven verklaringen af die ze niet mogen afgeven, importeurs vragen om een document dat hun niets oplevert. De invoerrechten die je betaalt hangen af van drie dingen: de goederencode, de douanewaarde en de oorsprong. Van die drie is de oorsprong de enige die je niet in je eigen administratie kunt nakijken.

Er zijn vier documenten in omloop en ze doen niet hetzelfde.

Exportmedewerker controleert een oorsprongsverklaring op een handelsfactuur

Wat bewijst een oorsprongsdocument eigenlijk?

Oorsprong is niet hetzelfde als herkomst. Herkomst is het land waar de zending vandaan vertrok. Oorsprong is het land waar de goederen zijn voortgebracht of waar ze hun laatste ingrijpende bewerking hebben ondergaan. Een container die in Rotterdam wordt overgeladen en vanuit Antwerpen doorgaat, verandert daarmee niet van oorsprong.

Welke bewerking ingrijpend genoeg is, staat per productgroep in de oorsprongsregels bij het akkoord. Soms is dat een tariefpostsprong: het eindproduct moet onder een andere goederencode vallen dan de ingekochte materialen. Soms is het een waardecriterium, bijvoorbeeld dat niet-oorsprongsmateriaal onder een bepaald percentage van de prijs af fabriek moet blijven. Assembleren van ingekochte onderdelen haalt die drempel vaak net niet.

Dit is de reden dat leveranciersverklaringen zo belangrijk zijn. Wie zelf produceert uit ingekochte halffabricaten kan alleen preferentiele oorsprong claimen als hij van zijn eigen toeleveranciers op papier heeft wat die materialen zijn.

Wanneer heb je een certificaat van oorsprong nodig?

Het certificaat van oorsprong, in de handel meestal CvO genoemd, is een niet-preferentieel document. Het zegt alleen: deze goederen komen uit dit land. In Nederland geeft de Kamer van Koophandel het af, tegen betaling en op basis van bewijs dat jij aanlevert.

Je hebt het nodig als het bestemmingsland erom vraagt. Veel landen in het Midden-Oosten, Noord-Afrika en Latijns-Amerika eisen een CvO bij invoer, soms nog gelegaliseerd door een ambassade. Ook banken vragen erom bij een documentair krediet, en dan is een ontbrekend of afwijkend certificaat genoeg om de betaling te blokkeren.

Wat een CvO uitdrukkelijk niet doet, is invoerrechten verlagen. Dat is het misverstand dat wij het vaakst tegenkomen. Een importeur die belt met de vraag waarom hij nog steeds het volle tarief betaalt terwijl zijn leverancier toch een certificaat van oorsprong heeft meegestuurd, heeft het verkeerde document in handen.

Wat doet een EUR.1 dat een certificaat van oorsprong niet doet?

Douanemedewerker stempelt een EUR.1 certificaat aan een balie

Een EUR.1, formeel een certificaat inzake goederenverkeer, bewijst preferentiele oorsprong. Dat is oorsprong onder een specifiek handelsakkoord, en juist dat geeft recht op een lager of nultarief bij invoer in het partnerland. Het document wordt afgestempeld door de douane van het land van uitvoer, op verzoek van de exporteur, en het hoort bij de exportaangifte.

De EUR.1 blijft in gebruik bij de oudere akkoorden. Denk aan Zwitserland, Noorwegen, Egypte, Marokko, Israel en de meeste Balkanlanden. Vraag je bij een Canadese leverancier om een EUR.1, dan krijg je terecht een verbaasde reactie: dat akkoord werkt al jaren met zelfcertificering.

Let op de geldigheidstermijn, want die is kort. Bij de meeste akkoorden moet je de EUR.1 binnen vier maanden na afgifte bij de invoeraangifte overleggen. Een certificaat dat in een postbus blijft liggen tot de container gelost is, kan al waardeloos zijn.

Wanneer volstaat een factuurverklaring, en wanneer heb je REX nodig?

Naast het certificaat bestaat de verklaring op de factuur. Dat is een vaste tekst die de exporteur op de handelsfactuur zet, ondertekend of, bij REX, met alleen het registratienummer erbij. Geen loket, geen wachttijd, geen kosten.

De grens ligt op 6.000 euro aan producten van preferentiele oorsprong per zending. Daaronder mag elke exporteur zo’n verklaring afgeven, zonder vergunning. Daarboven heb je een van twee dingen nodig:

  • Een vergunning toegelaten exporteur van de Nederlandse Douane, waarvan je het nummer in de verklaring opneemt. Dit werkt bij de akkoorden die nog met EUR.1 en factuurverklaringen werken.
  • Een REX-nummer, ook via de Douane. Dit werkt bij de akkoorden die op het systeem van geregistreerde exporteurs zijn overgestapt, waaronder Canada, Japan, Vietnam, Chili en het Verenigd Koninkrijk.

REX werd eerst uitgerold voor het stelsel van algemene preferenties, waarmee ontwikkelingslanden hun oorsprong zelf certificeren, en breidt sindsdien uit. De richting is duidelijk: weg van het overheidsstempel, naar zelfcertificering met controle achteraf. Voor exporteurs is dat sneller. Voor importeurs betekent het dat je meer op de zorgvuldigheid van je leverancier leunt dan vroeger, want er kijkt niemand meer naar het document voordat het bij jou ligt.

Waar gaat het in de praktijk mis?

Vier dingen komen steeds terug.

  • De verklaring staat op de pakbon of op een pro forma factuur in plaats van op de handelsfactuur. Dan is hij ongeldig.
  • De tekst is vrij vertaald of ingekort. De formulering ligt vast in het akkoord en er valt niets aan te herschrijven.
  • De zending is boven de 6.000 euro en de leverancier heeft geen vergunningnummer of REX-nummer, maar tekent gewoon met de hand.
  • De preferentie wordt geclaimd terwijl de goederen onderweg in een derde land zijn opgeslagen zonder dat de non-manipulatie is aangetoond.

Bij een controle achteraf gaat de rekening naar de importeur, niet naar de exporteur die de verklaring afgaf. Dat voelt oneerlijk en het is de kern van het risico: je claimt een tariefvoordeel op basis van een verklaring van iemand anders, en je draait op voor de navordering als die verklaring niet klopt. Wij adviseren daarom om bij structurele leveranciers een keer per jaar de onderbouwing op te vragen in plaats van alleen het document. Dat kost een middag en het scheelt de discussie die je anders drie jaar later voert.

Wat wij niet kunnen inschatten is hoe streng een specifiek partnerland achteraf verifieert. Die praktijk verschilt sterk en is nergens openbaar. Wat wel vaststaat, is dat een verificatieverzoek zonder onderbouwing standaard leidt tot intrekking van de preferentie.

Veelgestelde vragen

Q: Is een certificaat van oorsprong hetzelfde als een EUR.1?

Ans: Nee. Een certificaat van oorsprong is niet-preferentieel en bewijst alleen het land van oorsprong, meestal omdat het bestemmingsland of een bank erom vraagt. Een EUR.1 bewijst preferentiele oorsprong onder een handelsakkoord en geeft recht op een lager invoerrecht.

Q: Wie geeft een certificaat van oorsprong af in Nederland?

Ans: De Kamer van Koophandel, op basis van bewijsstukken die je zelf aanlevert. De EUR.1 loopt daarentegen via de Douane, die het certificaat afstempelt bij de uitvoer. Twee documenten, twee loketten.

Q: Mag ik zelf een oorsprongsverklaring op mijn factuur zetten?

Ans: Tot 6.000 euro aan preferentiele producten per zending mag dat zonder vergunning. Boven dat bedrag heb je een vergunning toegelaten exporteur of een REX-registratie nodig, en moet dat nummer in de verklaring staan.

Q: Wat gebeurt er als de oorsprong achteraf onjuist blijkt?

Ans: De douane trekt de preferentie in en vordert het verschil na bij de importeur, meestal met rente. Terugvorderen bij de leverancier is een civiele kwestie die losstaat van de douaneprocedure en zelden snel gaat.

Q: Hoelang moet ik oorsprongsbewijzen bewaren?

Ans: Reken op minimaal drie jaar na het jaar van de aangifte, en langer als het akkoord of je eigen fiscale bewaarplicht dat vraagt. Bewaar naast het document ook de onderbouwing, want daar vraagt de douane bij een verificatie naar.

Twijfel je of jouw goederen aan de oorsprongsregel voldoen, of wil je weten of een leveranciersverklaring standhoudt bij een controle? Wij toetsen de regel bij jouw goederencode, regelen de machtiging om namens jou aangifte te doen en verzorgen de douaneafhandeling voor import en export. Wil je eerst weten wat een zending kost bij nul procent en bij het volle tarief, gebruik dan de invoerrechtencalculator.

Facebook
Twitter
LinkedIn
Pinterest

Recent Post

Chauffeur overhandigt de vrachtbrief aan een loodsmedewerker bij de open achterdeuren van een trailer
De CMR vrachtbrief geldt automatisch bij internationaal wegvervoer. Wat erop staat, hoe de aansprakelijkheid per kilo werkt en wat de douane ermee doet.
Exportmedewerker stelt een proforma factuur op aan een bureau met laptop en rekenmachine
Een proforma factuur is een opgave van waarde, geen betalingsverzoek. Wat de douane erop wil zien, wanneer je hem gebruikt en welke fouten een zending stilzetten.
Expediteur overhandigt vrachtpapieren aan een chauffeur bij de poort van een containerterminal
Incoterms 2020 verdelen vervoer, risico, kosten en douaneformaliteiten. Welke van de elf regels je kiest, en waarom EXW en DDP de meeste problemen geven.
Importeur en douane-expediteur geven elkaar een hand na het vastleggen van de afspraken
Voordat je een douane-expediteur machtigt: welke vergunningen je controleert, wat de prijs niet zegt en de vijf vragen die je stelt voordat je tekent.
Stapel vrachtfacturen en een rekenmachine op een bureau bij het berekenen van invoerrechten
Invoerrechten worden berekend over de douanewaarde, niet over de factuurprijs. De formule, een rekenvoorbeeld en de vier fouten die het vaakst geld kosten.
Handen ondertekenen een machtiging voor douanevertegenwoordiging aan een bureau
Directe of indirecte vertegenwoordiging bepaalt wie aangever is en wie de douaneschuld draagt. Het verschil merk je pas jaren later, bij een navordering.

Join the Future of Logistics Cleaning

Uw partner in soepele douaneafhandeling.

Ontdek hoe wij douaneprocessen vereenvoudigen en uw internationale handel in beweging houden.